Button Text

Ex-zones: indeling, ATEX-vereisten en veiligheidsmaatregelen in de industrie

Kiekens
Gepubliceerd op
26
March
2026
Artikel
Van zone 0 tot zone 22: alles wat u moet weten over ATEX-indeling, wettelijke verplichtingen en de rol van professionele stofafzuiging in explosiegevaarlijke omgevingen.

Werkt u met brandbare stofdeeltjes, gassen of ontvlambare stoffen? Dan heeft u te maken met ex-zones. Deze gebieden (waar een explosieve atmosfeer kan ontstaan) vereisen een specifieke aanpak: de juiste apparatuur, de juiste maatregelen en bovenal de juiste indeling. Want de zone bepaalt alles.

De Europese ATEX-richtlijnen onderscheiden zes zones. Welke zone op uw werkvloer van toepassing is, bepaalt welke installaties zijn toegestaan, wat u wettelijk moet vastleggen en hoe u uw mensen beschermt. Een goede stofafzuiging speelt daarin een grotere rol dan veel bedrijven beseffen.

Hieronder leggen we uit hoe de zone-indeling werkt, wat de wet van u vraagt en hoe u met de juiste stofafzuigtechniek uw veiligheidsaanpak direct versterkt.

Welke gebieden gelden als explosiegevaarlijk?

Het antwoord verrast regelmatig: meer locaties dan u denkt. Chemische productie, raffinaderijen en spuitlakcabines liggen voor de hand. Maar ook in voedselverwerking, farmacie en metaalbewerking ontstaan dagelijks explosierisico's, en dat begint bij iets zo alledaags als fijnstof.

Houtstof, aluminiumdeeltjes, meel, kunststofgranulaat: zodra deze stoffen in voldoende concentratie in de lucht aanwezig zijn en een ontstekingsbron tegenkomen, is de basis voor een explosie gelegd. Het gaat dus niet om het materiaal op zichzelf, maar om de kans dat de concentratie in de lucht de kritische grens bereikt.

Precies dat risico brengt de ATEX-zone-indeling in kaart. Hoe vaak kan een explosieve atmosfeer optreden? Hoe lang duurt dat? Op basis van die vragen wordt een zone toegewezen, en die zone bepaalt vervolgens alles: van de toegestane apparatuur tot de vereiste afzuiginstallatie.

De zes ATEX-zones op een rij

De zes zones zijn verdeeld in twee groepen: drie voor gassen, dampen en nevels (zone 0, 1 en 2) en drie voor brandbare stofdeeltjes (zone 20, 21 en 22). De indeling loopt van continu aanwezig gevaar naar incidenteel risico.

Gas-ex-zones

Zone 0 is de zwaarste gaszone: hier is een explosieve atmosfeer van brandbare gassen of dampen vrijwel altijd aanwezig. In de praktijk gaat het vooral om de binnenkant van installaties, zoals reactievaten of gesloten tanks. Zone 1 omvat gebieden waar tijdens normaal bedrijf nu en dan een explosieve atmosfeer kan ontstaan, zoals bij vul- of bemonsteringswerkzaamheden. Zone 2 betreft locaties waar dat risico normaal gesproken niet aanwezig is en, als het al optreedt, slechts kort duurt.

Stof-ex-zones

Zone 20 is het equivalent voor brandbare stofdeeltjes: binnenin stoffilters, silo's of molens is vrijwel continu een explosieve stofwolk aanwezig. Zone 21 kent dat risico tijdens normaal bedrijf alleen incidenteel. In zone 22 treden stofwolken normaal gesproken niet op, en als dat toch het geval is, verdwijnen ze snel weer.

Vuistregel in de praktijk: "regelmatig" staat voor meer dan 50 procent van de bedrijfstijd, "incidenteel" voor 1 tot 10 procent. Twijfelt u? Deel het gebied in de hogere zone in.

Wettelijke kaders: ATEX-richtlijnen en het Arbobesluit

De wettelijke basis bestaat uit twee Europese ATEX-richtlijnen. De gebruiksrichtlijn 1999/92/EG (ook wel ATEX 137) richt zich op exploitanten. Zij verplicht u tot een risicobeoordeling, een zone-indeling en het opstellen van een explosieveiligheidsdocument. De productrichtlijn 2014/34/EU regelt welke apparaten en beveiligingssystemen in explosiegevaarlijke zones mogen worden ingezet.

In Nederland is de implementatie geregeld via het Arbeidsomstandighedenbesluit (Arbobesluit). Aanvullende praktische handvatten biedt de PGS-reeks, met name PGS 31 en PGS 33 voor situaties waar explosieve atmosferen kunnen voorkomen.

De verantwoordelijkheid ligt bij u als exploitant: maatregelen naleven, documentatie bijhouden en medewerkers regelmatig opleiden. Niet als formaliteit, maar als fundament van een veilige bedrijfsvoering.

Risicobeoordeling en explosieveiligheidsdocument

De risicobeoordeling is het vertrekpunt. U brengt systematisch in kaart waar in uw bedrijf explosieve atmosferen kunnen ontstaan, hoe vaak en hoe lang. Op basis daarvan worden zones toegewezen en maatregelen vastgesteld.

Die bevindingen legt u vast in het explosieveiligheidsdocument: welke zones er zijn, welke maatregelen gelden en welke apparatuur is toegestaan. Dit document is geen eenmalig project. Bij elke wijziging in processen, materialen of installaties moet het worden bijgewerkt.

Voor industrieën die met brandbare stofdeeltjes werken, spelen veiligheidstechnische kengetallen zoals de KSt-waarde een concrete rol bij het bepalen van de juiste zone en het kiezen van passende beveiligingssystemen.

Markering en apparatuurcategorieen in ex-zones

Explosiegevaarlijke zones moeten zichtbaar worden gemarkeerd met het gele "Ex"-teken. Die markering hoort ook in de vlucht- en reddingsplannen van uw bedrijf. Maar markeren alleen is niet genoeg. De ATEX-richtlijnen schrijven voor dat alle apparatuur in ex-zones voldoet aan de juiste categorie.

De indeling is logisch: categorie 1-apparatuur, de zwaarste uitvoering, is toegelaten in zones 0 en 20. Categorie 2 hoort in zones 1 en 21, categorie 3 in zones 2 en 22. Elk ATEX-gecertificeerd product moet daarnaast voldoen aan eisen voor temperatuurklassen en ontstekingsbeveiliging.

Dit geldt ook voor afzuigsystemen en ventilatoren. In explosiegevaarlijke zones moeten deze volledig voldoen aan EN 14986.

Waarom stofafzuiging uw zoneclassificatie direct beïnvloedt

Hier wordt het praktisch relevant. De beste manier om een explosie te voorkomen is het voorkomen van een explosieve atmosfeer. En dat is precies wat een professionele ATEX-afzuiginstallatie doet: brandbare stofdeeltjes direct afvangen bij de bron, voordat ze zich in de lucht kunnen verspreiden.

Het effect reikt verder dan veiligheid alleen. Gebieden die zonder afzuiging als zone 21 worden geclassificeerd, kunnen door effectieve stofafvang worden teruggebracht naar zone 22. Dat betekent lagere eisen aan de in te zetten apparatuur, en dus lagere investeringskosten. Goede stofafzuiging betaalt zichzelf terug.

Voorwaarde is wel dat de installatie zelf volledig ATEX-conform is uitgevoerd: van antistatische slangen en geleidende containers en vonkvrije motoren tot drukvaste filtereenheden zoals de Dustmaster 9.000 en turboventilatoren conform EN 14986. Aanvullend worden systemen zoals breekschijven, vlammensluizen en terugslagkleppen ingezet. Regelmatig onderhoud en inspectie houden alles betrouwbaar in werking.

Voor bedrijven in de voedselproductie, metaalbewerking, kunststofindustrie of mijnbouw geldt: een doordachte combinatie van afzuiging, zone-indeling en beveiligingstechniek is de meest effectieve (en meest kostenefficiënte) manier om aan de wet te voldoen en uw mensen te beschermen.

Een veilige werkomgeving met Kiekens

Bij Kiekens denken we van begin tot eind mee. Van risicoanalyse en zone-indeling tot ontwerp, installatie en onderhoud van uw afzuiginstallatie. U heeft met een vaste specialist te maken, niet met een anoniem serviceteam.

Met meer dan 115 jaar ervaring in industriele stofafzuiging weten we wat werkt. We ontwikkelen geen standaardoplossingen, maar systemen die precies aansluiten op uw ATEX-zone en productieproces. Alle componenten worden in Nederland gemaakt. Alle kennis zit in eigen huis.

Bescherm uw mensen en uw productie. Neem contact op voor een oplossing op maat.

Veelgestelde vragen (FAQ)
00
Hoeveel ex-zones zijn er?

De ATEX-richtlijnen onderscheiden zes ex-zones: zone 0, 1 en 2 voor gassen, dampen en nevels, en zone 20, 21 en 22 voor brandbare stofdeeltjes. De indeling is gebaseerd op hoe vaak en hoe lang een explosieve atmosfeer kan optreden.

00
Wie is verantwoordelijk voor de zone-indeling?

Dat is de exploitant. In het kader van de wettelijk verplichte risicobeoordeling identificeert, classificeert en documenteert u de explosiegevaarlijke zones in het explosieveiligheidsdocument.

00
Welke apparaten mogen worden ingezet in ex-zones?

Uitsluitend ATEX-gecertificeerde apparatuur die is ingedeeld in de juiste categorie. De keuze hangt af van de betreffende zone en de bijbehorende eisen voor ontstekingsbeveiliging en temperatuurklasse.

00
Kan een afzuiginstallatie de zoneclassificatie veranderen?

Ja. Een professionele stofafzuiging kan de stofconcentratie zodanig verlagen dat een lagere zoneclassificatie gerechtvaardigd is. De installatie zelf moet dan wel volledig voldoen aan de ATEX-eisen van de betreffende zone. Kiekens ondersteunt u bij de documentatie, de zone-indeling en de vereiste audits.