Diervoederstof: stofbeheersing in de mengvoederindustrie

Wat is diervoederstof?
Diervoederstof ontstaat in vrijwel elke fase van de mengvoederproductie: bij het lossen en doseren van grondstoffen, het malen van granen en oliezaadschroten, het mengen van premixen, het persen tot pellets en het koelen, zeven en verladen van het eindproduct. Het stof is een mix van plantaardige deeltjes, eiwitresten, mineralen en - in veel formules - vet- of oliehoudende bestanddelen. Die laatste maken het stof vaak vetter en plakkeriger dan bijvoorbeeld graan- of meelstof, en dat vraagt om een andere aanpak in filterkeuze en -reiniging.
Gezondheidsrisico's van diervoederstof
Allergische luchtwegklachten
Eiwitten in soja-, raapzaad- en graanbestanddelen kunnen bij gevoelige medewerkers allergische reacties veroorzaken: hoesten, een piepende ademhaling en benauwdheid. Bij aanhoudende blootstelling kan dit uitgroeien tot chronisch beroepsastma.
Organic Dust Toxic Syndrome (ODTS)
Bij kortdurende maar intensieve blootstelling - bijvoorbeeld bij het lossen van grondstoffen of het reinigen van silo's - kunnen griepachtige klachten optreden: koorts, spierpijn en algehele malaise. ODTS is niet allergisch van aard en kan ook medewerkers treffen zonder bekende gevoeligheid.
Schimmelsporen en endotoxinen
Vochtige of onjuist opgeslagen grondstoffen kunnen schimmelsporen en endotoxinen bevatten. Langdurige blootstelling hieraan vergroot het risico op chronische luchtwegklachten en, in zeldzame gevallen, hypersensitiviteitspneumonitis.
Explosiegevaar: diervoederstof en ATEX
Diervoederstof is - net als graanstof en meelstof - organisch stof dat bij de juiste concentratie in een besloten ruimte explosief is. Het risico speelt op meerdere plekken: bij elevatoren en transportleidingen, in silo's en bij de pelletpers, waar frictiewarmte een extra ontstekingsbron vormt.
Bedrijven die diervoeder produceren zijn op grond van de Arbowet verplicht een risicoanalyse (RI&E) uit te voeren en maatregelen te treffen conform de ATEX-richtlijnen:
- Het installeren van ATEX-gecertificeerde afzuig- en filtersystemen
- Het zoneren van risicogebieden (zone 20, 21 of 22)
- Het opstellen en actueel houden van een explosieveiligheidsdocument
- Vonkdetectie en -blussing bij installaties met verhoogd frictierisico, zoals de pelletpers en koeler
Sectoren waar diervoederstof een rol speelt
- Mengvoederbedrijven en diervoederfabrikanten
- Premixproducenten
- Petfoodproducenten
- Visvoederproductie
- Graanverwerkers met een eigen diervoederlijn
Effectieve stofafzuiging bij diervoederstof
Effectieve stofafzuiging bij diervoederstof houdt rekening met het vet- en eiwitgehalte van de grondstoffen, het explosierisico bij persen en transport, en de schaal van de productielocatie. Onze engineers bepalen per situatie de juiste afzuigcapaciteit, het filtertype en de explosieveiligheidsmaatregelen - altijd in lijn met de Arbowet en de ATEX-richtlijnen. Doordat onze systemen modulair zijn opgebouwd, groeit de installatie mee als je productie uitbreidt of je grondstoffenmix verandert.
Kiekens: jouw specialist in diervoederstofafzuiging
Met meer dan 100 jaar ervaring in industriële stofafzuiging kent Kiekens de uitdagingen van de mengvoederindustrie van binnen en van buiten. We adviseren op maat: van een enkelvoudige afzuigkap bij een stortpunt tot een volledig geïntegreerd systeem voor een grote diervoederfabriek. Met het Clean Air Plan houden we de installatie het hele jaar door in topconditie.
Wil je weten hoe je de blootstelling aan diervoederstof in jouw bedrijf structureel aanpakt? Neem contact op met een van onze specialisten voor een vrijblijvend adviesgesprek.
Ja. Naast de Arbowetgeving gelden in de diervoederketen voederveiligheidseisen, zoals GMP+ FSA. Dit stelt eisen aan onder meer materiaalkeuze, reinigbaarheid en het voorkomen van contaminatierisico's tussen productielijnen. Kiekens heeft ervaring met installaties die zowel aan de Arbowetgeving als aan deze voederveiligheidsstandaarden voldoen.
Dat hangt af van het vet- en eiwitgehalte van de grondstoffen. Bij plakkerig stof, zoals bij pelletpersen en koelers, bieden Filterplaten de beste bedrijfszekerheid dankzij hun open structuur en krachtige reiniging. Voor stabiele processen met een lagere stofbelasting, zoals premixdosering, zijn Filterdoeken een kosteneffectief alternatief.
Voor het transporteren en voorafscheiden van grondstoffen worden Cyclonen veel ingezet als voorafscheider, vóór het hoofdfilter. In combinatie met een Turbo ventilator - desgewenst in ATEX-uitvoering - ontstaat een efficiënt pneumatisch transportsysteem voor grondstoffen en pellets.
Dat hangt af van de huidige installatie en de specifieke eisen van het productieproces. In sommige gevallen is uitbreiding of aanpassing mogelijk, bijvoorbeeld met extra afzuigpunten of een filter dat beter is afgestemd op vet- of oliehoudend stof. Is de bestaande installatie niet ATEX-gecertificeerd en vereist het proces dat wel, dan is vervanging of een grondige aanpassing noodzakelijk. Kiekens beoordeelt altijd eerst de huidige situatie voordat we advies geven.
De onderhoudsfrequentie hangt af van de productie-intensiteit en het type grondstoffen. Als algemene richtlijn geldt: filters minimaal elk kwartaal controleren en reinigen, en jaarlijks preventief onderhoud aan de volledige installatie. Bij vet- of oliehoudend stof, dat sneller aankoekt, is vaker onderhoud aan te raden. Met het Clean Air Plan van Kiekens nemen we dit onderhoud uit handen.